macOS High Sierra

Tekst in documenten opmaken met lettertypen en stijlen

In veel programma's kun je tekst opmaken door in het venster 'Lettertypen' lettertypen, letterkleuren, lettergrootten en andere opties te selecteren. Je kunt tekst ook opmaken door favoriete stijlen toe te passen of door stijlen toe te passen die in een document worden gebruikt.

Als je Mac een Touch Bar heeft, kun je hiermee snel de geselecteerde tekst opmaken.

Lettertypen gebruiken

  1. Kies in een document 'Opmaak' of 'Opmaak' > 'Lettertype' > 'Toon lettertypen'.

    Als boven in het venster 'Lettertypen' geen opties voor bijvoorbeeld tekstonderstreping en kleur worden weergegeven, klik je op het taakmenu  en kies je 'Toon effecten'. Om tijdens de selectie van opties te zien welk effect die opties hebben, kies je 'Toon voorvertoning' uit het taakmenu.

  2. Selecteer de tekst die je wilt opmaken en voer een of meer van de volgende stappen uit:

    • Het lettertype wijzigen: Selecteer een set, familie of letterbeeld (zoals 'Vet'). Om te zoeken naar een lettertype, selecteer je 'Alle lettertypen' in de kolom 'Set' en typ je de naam van het lettertype in het zoekveld. Als je het zoekveld niet ziet in het venster 'Lettertypen', maak je het venster breder.

    • De lettergrootte wijzigen: Sleep de schuifknop of selecteer een grootte in de lijst. Als je geen lettergrootten ziet, kies je 'Wijzig grootte' uit het taakmenu en selecteer je vervolgens 'Vaste lijst', 'Schuifbalk' of beide opties.

    • De tekstkleur wijzigen: Klik op de knop 'Tekstkleur' en selecteer een kleur in het venster 'Kleuren'.

    • Tekst onderstrepen of doorhalen: Klik op de knop 'Tekst onderstrepen' of 'Tekst doorhalen' en kies een optie uit het venstermenu, zoals 'Dubbel'. Als je de lijnkleur wilt wijzigen, kies je 'Kleur' uit het venstermenu en klik je vervolgens op een kleur.

    • Symbolen en tekens invoegen: Klik op het taakmenu, kies 'Tekens' en sleep vervolgens een symbool vanuit de Tekenweergave naar je document.

    • Typografische opties instellen: Klik op het taakmenu en kies 'Typografie'. Als het geselecteerde lettertype typografie bevat, schakel je de bijbehorende opties in of uit.

Om de achtergrondkleur van een document te wijzigen, klik je op de knop 'Documentkleur' en selecteer je een kleur in het venster 'Kleuren'.

Gebruik Lettertypecatalogus om lettertypen te installeren en te beheren op je computer. Om de Lettertypecatalogus vanuit het venster 'Lettertypen' te openen, klik je op het taakmenu en kies je vervolgens 'Beheer lettertypen'.

Stijlen gebruiken

  • Kies in een document 'Opmaak' > 'Stijlen' of 'Opmaak' > 'Lettertype' > 'Stijlen' en voer een of meer van de volgende stappen uit in het paneel 'Stijlen':

    • Een favoriete stijl toepassen op geselecteerde tekst: Selecteer 'Favoriete stijlen', kies een stijl uit het venstermenu dat verschijnt en klik op 'Pas toe'.

    • Een stijl toepassen die in het document wordt gebruikt: Selecteer 'Documentstijlen', klik op de knop 'Volgende' of 'Vorige' totdat je de gewenste stijl ziet en klik vervolgens op 'Pas toe'.

    • De stijl van geselecteerde tekst bewaren als favoriet: Klik op 'Voeg toe aan Favorieten' en typ een naam. Schakel de aankruisvakken in als je het lettertype, de afstand en de tabs van de geselecteerde tekst wilt gebruiken.

    • Zoeken naar tekst in een document met een bepaalde stijl: Selecteer 'Documentstijlen', klik op de knop 'Volgende' of 'Vorige' totdat je de stijl ziet waarnaar je wilt zoeken en klik vervolgens op 'Selecteer'. Stel opties in om de zoekactie uit te breiden of te verfijnen en klik op 'Selecteer'.

Om geselecteerde tekst op te maken in hoofdletters, kleine letters of een combinatie hiervan, kies je 'Wijzig' > 'Omzetting' en kies je een optie.