Mac-gebruikershandleiding
- Welkom
- Nieuw in macOS 27
-
- Introductie tot Continuïteit
- Met AirDrop onderdelen naar apparaten in de buurt versturen
- Taken verplaatsen tussen apparaten
- Je iPhone bedienen vanaf je Mac
- Kopiëren en plakken tussen apparaten
- Video en audio streamen via AirPlay
- Bellen en gebeld worden en tekstberichten versturen en ontvangen op je Mac
- De internetverbinding van je iPhone gebruiken met je Mac
- Je wifiwachtwoord delen met een ander apparaat
- Je iPhone als webcam gebruiken
- Schetsen, foto's en scans invoegen vanaf een iPhone of iPad
- De Mac ontgrendelen met je Apple Watch
- Je iPad als tweede scherm gebruiken
- Een toetsenbord en muis gebruiken om je Mac en iPad te bedienen
- Muziek, boeken en andere onderdelen synchroniseren tussen apparaten
-
- 'Delen met gezin' configureren
- Aanbevelingen ontvangen voor 'Delen met gezin'
- Gezinsleden toevoegen aan een 'Delen met gezin'-groep
- Gezinsleden verwijderen uit een 'Delen met gezin'-groep
- Een fotobibliotheek delen
- Samenwerken aan projecten
- Materiaal zoeken dat met jou is gedeeld
- Familie en vrienden zoeken
-
- Aan de slag
-
- Toegankelijkheidsfuncties voor zien
- Aan de slag met VoiceOver
- Zoom in op je omgeving
- Inzoomen op het Mac-scherm
- Lettergrootte en symbolen vergroten
- De schermkleuren aanpassen
- Inzoomen op tekst en kleuren onder de aanwijzer
- Tekst in apps beluisteren of wijzigen hoe tekst in apps wordt weergegeven
- Beweging op het scherm aanpassen
- De inhoud van het scherm vergroten
- De aanwijzer beter zichtbaar maken
- Tekst op het scherm laten voorlezen op de Mac
-
- Toegankelijkheidsfuncties voor horen
- Bijschriften van gesproken audio en computeraudio ontvangen
- Gebruik ondertiteling en bijschriften voor spraak en geluid
- Bellen met RTT configureren en gebruiken
- Een melding ontvangen wanneer je naam wordt genoemd
- Hoortoestellen gebruiken met je Mac
- Achtergrondgeluiden afspelen
- Informatie over je Mac
-
- Bepalen wat je deelt
- Je Mac veilig maken
- Apps toestaan de locatie van je Mac te zien
- De privémodus gebruiken
- Informatie beveiligen
- Wachtwoorden begrijpen
- Zwakke of gehackte wachtwoorden wijzigen
- E‑mailprivacy beschermen in Mail
- 'Log in met Apple' gebruiken voor apps en websites
- Een kwijtgeraakt apparaat zoeken
- Copyright en handelsmerken
- Informatie over je Apple apparaten
De Mac uitschakelen of opnieuw opstarten
Je kunt je Mac op elk moment uitschakelen of opnieuw opstarten.
De Mac uitschakelen
Kies op de Mac Apple-menu
> 'Zet uit'.Schakel 'Heropen vensters bij opnieuw inloggen' uit als je niet wilt dat geopende appvensters automatisch opnieuw worden geopend wanneer je de Mac opnieuw opstart.
Klik op 'Zet uit'.
Een Mac is volledig uitgeschakeld wanneer het scherm zwart is. Bij sommige computers licht het voedingslampje dan ook niet meer op of is er geen geluid van een ventilator of harde schijf meer te horen.
Belangrijk: Bij een Mac-laptop sluit je het scherm pas nadat de computer volledig is uitgeschakeld. Als je het scherm sluit terwijl de Mac wordt uitgeschakeld, wordt de computer mogelijk niet goed uitgeschakeld en kan het opstarten de volgende keer langer duren.
Je moet de Mac altijd eerst uitschakelen voordat je de behuizing opent om extra geheugen of andere apparaten in de computer te installeren. Bij bepaalde randapparatuur moet je mogelijk ook de computer uitschakelen voordat je de apparatuur aansluit of loskoppelt. Als je dit niet zeker weet, raadpleeg je de documentatie van het apparaat.
Je hoeft de Mac niet uit te zetten als je kabels zoals een USB‑C-, Thunderbolt- of ethernetkabel wilt aansluiten of loskoppelen.
Belangrijk: Indien nodig kun je het afsluiten forceren, bijvoorbeeld als je Mac niet meer reageert. Dit doe je door de aan/uit-knop ingedrukt te houden totdat de Mac wordt uitgeschakeld. Niet-bewaarde wijzigingen in geopende documenten kunnen verloren gaan.
Je Mac opnieuw opstarten
Kies op je Mac Apple-menu
> 'Herstart'.Schakel 'Heropen vensters bij opnieuw inloggen' uit als je niet wilt dat geopende appvensters automatisch opnieuw worden geopend wanneer je Mac opnieuw wordt opgestart.
Klik op 'Herstart'.