De Oproepen-app configureren en gebruiken met hulpbedieningstoegang op de iPhone
De Telefoon-app en de FaceTime-app zijn voor hulpbedieningstoegang op de iPhone gecombineerd in de Oproepen-app
. Een gebruiker van hulpbedieningstoegang kan via de Oproepen-app audiogesprekken of FaceTime-videogesprekken voeren met familie, vrienden en vertrouwde helpers (zoals verzorgers). Je kunt de Oproepen-app tijdens de configuratie van hulpbedieningstoegang of op een later moment toevoegen.

De Oproepen-app toevoegen
Stop hulpbedieningstoegang als de voorziening actief is.
Ga naar de Instellingen-app
.Tik op 'Toegankelijkheid' > 'Hulpbedieningstoegang'.
Tik op 'Beheer apps' en tik op
naast 'Oproepen'.Kies opties voor de app (zie de beschrijving in de tabel hieronder), zoals welke personen gebeld kunnen worden en welke opties beschikbaar zijn tijdens een gesprek.
Oproepen-opties
Optie | Beschrijving | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Ontvang oproepen van | Sta de gebruiker van hulpbedieningstoegang toe om oproepen van iedereen te ontvangen, van alle contactpersonen in de Contacten-app of alleen van favoriete contactpersonen (zie 'Favorieten' hieronder). | ||||||||||
Bel naar | Sta de gebruiker van hulpbedieningstoegang toe om iedereen te bellen, alle contactpersonen in de Contacten-app of alleen favoriete contactpersonen (zie 'Favorieten' hieronder). Als je toestaat dat iedereen mag worden gebeld, kan de gebruiker van hulpbedieningstoegang elke contactpersoon bellen, een telefoonnummer invoeren om iemand te bellen en iedereen die gebeld heeft terugbellen. | ||||||||||
Favorieten | Favoriete contactpersonen worden op het eerste scherm weergegeven bij het openen van de Oproepen-app in hulpbedieningstoegang. Om een contactpersoon aan de favorieten toe te voegen, tik je op 'Selecteer contact' en tik je op een contactpersoon. Kies 'Bel' of 'Video' (afhankelijk van de manier waarop de gebruiker van hulpbedieningstoegang met die persoon wil communiceren) en kies vervolgens een telefoonnummer of e‑mailadres. Zie Contactgegevens toevoegen en gebruiken in de iPhone-gebruikershandleiding voor informatie over het toevoegen van personen aan de Contacten-app. | ||||||||||
Optie tijdens gesprek | Beschrijving | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
Toetsenblok | Sta toe dat het toetsenblok tijdens audiogesprekken wordt gebruikt. | ||||||||||
Luidspreker | Sta toe dat de luidspreker tijdens audiogesprekken wordt gebruikt. | ||||||||||
Iemand bellen
Start hulpbedieningstoegang als de voorziening niet actief is en ga naar de Oproepen-app
.Voer een van de volgende stappen uit:
Een favoriete contactpersoon bellen: Tik op een contactpersoon en tik op 'Bel'.
Een willekeurige contactpersoon bellen: Tik op 'Contacten', tik op een contactpersoon en tik op 'Bel'.
Een willekeurig telefoonnummer bellen: Tik op 'Toetsenblok', voer een telefoonnummer in en tik op 'Bel'.
Als je niet de contactpersonen ziet die je verwacht, controleer je of ze zijn toegevoegd aan de lijst met personen die de gebruiker van hulpbedieningstoegang mag bellen. Zie De Oproepen-app toevoegen.
Tip: Het gebruik van de Oproepen-app kan eenvoudiger worden gemaakt door favoriete contactpersonen toe te voegen. De gebruiker van hulpbedieningstoegang ziet dan bij het openen van de Oproepen-app de favoriete contactpersonen op het eerste scherm.
Tik op 'Stop gesprek' om het gesprek te beëindigen. Tik ter bevestiging nogmaals op 'Stop gesprek'.
Een oproep aannemen
Tik op 'Neem op' om een inkomende oproep in hulpbedieningstoegang aan te nemen. Als je de oproep niet wilt aannemen, tik je op 'Beantwoord niet' en tik je ter bevestiging nogmaals op 'Beantwoord niet'.
Als je 'Toon meldingsbadges' hebt ingeschakeld, verschijnt in het toegangsscherm en bij de Oproepen-app een meldingssymbool wanneer er een gemiste oproep is geweest van een contactpersoon die de gebruiker van hulpbedieningstoegang mag terugbellen. Ga naar de Oproepen-app om te zien wie er gebeld heeft. Als de oproep niet van een favoriete contactpersoon is, tik je op 'Recent'.
Een noodoproep doen
Je kunt een noodoproep doen terwijl hulpbedieningstoegang actief is, ook als je iPhone is vergrendeld.
Belangrijk: Het mobiele netwerk moet beschikbaar zijn om een noodoproep te kunnen doen. Contact opnemen met de hulpdiensten werkt in enkele belangrijke opzichten anders als hulpbedieningstoegang actief is op de iPhone. Zie Wat er anders is als hulpbedieningstoegang actief is.
Druk driemaal op de zijknop (op een iPhone met Face ID) of de thuisknop (op overige iPhone-modellen) en tik op 'Noodgeval'.
Toets het alarmnummer in (bijvoorbeeld 112 als je in Nederland bent) en tik vervolgens op
.
De gebruiker van hulpbedieningstoegang kan altijd op elk scherm in hulpbedieningstoegang op 'Vorige' tikken om terug te gaan naar het vorige scherm.