Hulp bij beeldproblemen op externe beeldschermen die op een Mac zijn aangesloten

Probeer de volgende stappen als u geen beeld krijgt op een op de Mac aangesloten beeldscherm of als het beeld er anders uitziet dan u verwacht.

Voordat u begint

U kunt veel beeldproblemen oplossen door de software van Apple apparaten, kabels en adapters bij te werken. Als het scherm beeld geeft, controleert u op software-updates via de Mac App Store:

  1. Sluit het externe beeldscherm en alle Apple videokabels of adapters die u daarvoor gebruikt, op elkaar aan.
  2. Kies in het Apple-menu de optie 'App Store'.
  3. Klik in het venster 'App Store' op de knop 'Updates'.
  4. Installeer alle weergegeven macOS- of firmware-updates.

Als u een beeldscherm, hub, verlengsnoer of adapter van een andere fabrikant dan Apple gebruikt, controleert u bij de fabrikant of er updates beschikbaar zijn.

Als u een 4K-beeldscherm of Ultra HD-tv op een Mac probeert aan te sluiten, zorgt u ervoor dat de computer aan de vereisten voor het gebruik van dergelijke externe beeldschermen voldoet.

Als de software en firmware up-to-date zijn of als u geen beeld op het scherm ziet, probeert u de onderstaande stappen voor uw specifieke probleem.

Als u geen beeld hebt of als het beeld onbruikbaar is

Probeer deze stappen als het scherm geen beeld weergeeft. Deze stappen kunnen ook helpen als het beeld van het scherm herhaaldelijk aan en uit gaat (knippert), als er horizontale strepen verschijnen (sneeuw) of als het beeld vervormd is (gescheurd). 

Deze stappen helpen waarschijnlijk niet als het probleem slechts in een enkele app optreedt. Als u dit soort problemen maar in één venster of app ziet, raadpleegt u de ontwikkelaar van de app voor updates of meer hulp.

Verbindingen controleren

Controleer de aansluitingen op de Mac en de externe beeldschermen:

  • Sluit de lichtnetadapter aan als u een Apple notebook gebruikt.
  • Zorg ervoor dat het netsnoer van het externe beeldscherm goed is aangesloten en dat het beeldscherm is ingeschakeld.
  • Zorg ervoor dat de beeldschermen op de juiste poorten zijn aangesloten als u een Mac Pro (eind 2013) gebruikt.
  • Als u een beeldscherm-hub, schakelkast of KVM-switch gebruikt, probeert u in plaats daarvan de videokabel van het beeldscherm rechtstreeks aan te sluiten op de Mac.
  • Koppel de videokabel los van de Mac bij de Mac zelf en sluit deze vervolgens weer aan om opnieuw verbinding te maken.
  • Als u een video-adapter gebruikt, koppelt u deze los van de Mac en sluit u deze vervolgens weer aan om opnieuw verbinding te maken.
  • Als u het beeldscherm aansluit via meerdere video-adapters (een adapter die op zijn beurt is aangesloten op een volgende adapter), sluit u indien mogelijk het beeldscherm met slechts één adapter aan. Sommige video-adapters kunnen niet worden doorverbonden. Een mini DisplayPort-naar-DVI-adapter kan bijvoorbeeld niet worden aangesloten op een DVI-naar-HDMI-adapter.
  • Controleer of een andere aansluiting van het beeldscherm werkt als het beeldscherm meerdere aansluitingen voor videokabels heeft. Controleer indien mogelijk of het probleem is verholpen als u een ander beeldscherm of een andere adapter gebruikt.
  • Gebruik een andere kabel waarvan u weet dat die goed werkt. Raadpleeg de fabrikant van het beeldscherm om er zeker van te zijn dat u een aanbevolen kabel gebruikt.
  • Start de Mac opnieuw op terwijl het beeldscherm is aangesloten.

Het beeldscherm detecteren

Als u een extern beeldscherm gebruikt, plaatst u de Mac in de sluimerstand en haalt u deze er vervolgens uit, zodat de Mac gaat zoeken naar aangesloten beeldschermen:

  1. Druk op de aan/uit-knop van de computer om deze in de sluimerstand te plaatsen of kies het Apple-menu > 'Sluimer'.
  2. Wacht even en druk dan op een toets van het toetsenbord of klik met de muis of het trackpad om de Mac uit de sluimerstand te halen.

Als u meerdere beeldschermen gebruikt en beeld op een van de beeldschermen ziet, kunt u ook aangesloten beeldschermen zoeken via de voorkeuren voor Beeldschermen.

De video-instellingen aanpassen

Als het scherm geen beeld geeft, probeert u de helderheid of het contrast van het beeldscherm aan te passen. Als er nog steeds geen beeld is of als het beeld in stukken of vervormd wordt weergegeven, selecteert u in Systeemvoorkeuren een andere videoresolutie.

De helderheid aanpassen

  • Als u een Apple beeldscherm gebruikt, drukt u op de toets toets F2 op het Apple toetsenbord om de helderheid te verhogen. Als u de helderheid van een tweede beeldscherm wilt aanpassen, drukt u op Control-F2.
  • Als u een beeldscherm van een andere fabrikant dan Apple gebruikt, raadpleegt u de bij het beeldscherm meegeleverde documentatie om te zien of het ingebouwde regelaars heeft voor het aanpassen van de helderheid of het contrast.

De resolutie van het beeldscherm wijzigen

  1. Kies in het Apple-menu de optie 'Systeemvoorkeuren'.
  2. Klik op het symbool 'Beeldschermen'.
  3. Klik op 'Standaard voor beeldscherm'. Als u meerdere resoluties ziet, kiest u een resolutie en een verversingsfrequentie. Als het beeldscherm wordt uitgeschakeld wanneer u de resolutie wijzigt, drukt u op de Escape-toets om de wijziging ongedaan te maken. 
    venster met voorkeuren voor beeldschermen

Als u de resolutie van een beeldscherm niet kunt wijzigen omdat u geen beeld ziet, start u de Mac opnieuw op in de veilige modus om de resolutie van het beeldscherm in te stellen op de standaardwaarden.

Als het probleem niet wordt opgelost door de computer opnieuw op te starten in de veilige modus, stelt u het NVRAM en de SMC van de Mac opnieuw in om de videopoorten van de Mac in te stellen op de standaardwaarden.

Controleren op beeldschermsoftware van andere fabrikanten

Als het beeldscherm alleen werkt wanneer de Mac in de veilige modus is opgestart en u software voor het beeldscherm hebt geïnstalleerd, raadpleegt u de ontwikkelaar van de software voor updates of probeert u deze software tijdelijk te verwijderen.

Als het beeld vaag of wazig is

Controleer het volgende als het beeld of de tekst gepixeld of wazig is.

De resolutie van het beeldscherm controleren

Zorg ervoor dat de resolutie van het beeldscherm in Systeemvoorkeuren is ingesteld op de standaardwaarden. Als u een geschaalde resolutie gebruikt, wordt het beeld mogelijk vergroot om het scherm te vullen. Hierdoor kan het beeld in sommige apps wazig zijn.

  1. Kies in het Apple-menu de optie 'Systeemvoorkeuren'.
  2. Klik op het symbool 'Beeldschermen'.
  3. Selecteer 'Standaard voor beeldscherm'.
    venster met voorkeuren voor beeldschermen

Als u een monitor of een hdtv gebruikt die met een HDMI-kabel is aangesloten, ziet u mogelijk een verschil in beeldkwaliteit als het beeldscherm op televisiemodus is ingesteld. Stel het beeldscherm in op de monitor-modus (indien beschikbaar) om de beste beeldkwaliteit te verkrijgen.

Retina-displays

Als een app die u gebruikt in lage resolutie op het Retina-display verschijnt, controleert u of er een update voor de app beschikbaar is. De meeste apps zijn bijgewerkt om de grotere pixeldichtheid van Retina-displays te gebruiken.

Afbeeldingen in lagere resolutie op sommige webpagina's zien er op een Retina-display mogelijk ook minder scherp uit. Retina-displays hebben namelijk een hogere pixeldichtheid, maar niet alle websites hebben afbeeldingen die gemaakt zijn voor Retina-displays.

De afbeeldingen hieronder bijvoorbeeld zijn op een Retina-display verschillend, maar op een niet-Retina-display zijn ze gelijk. Dit komt doordat de afbeelding voor het Retina-display een grotere pixeldichtheid heeft:

Standaardafbeelding Afbeelding voor Retina-display

Als u contrast- of kleurproblemen ziet

Als het volledige beeld te donker of te helder lijkt, kunt u de helderheid en het contrast aanpassen in het paneel 'Beeldschermen' van Systeemvoorkeuren of met de ingebouwde regelaars van het beeldscherm.

Helderheid en contrast aanpassen

Als u de helderheid van een Apple beeldscherm wilt aanpassen, drukt u op de toets voor de helderheid F2-toets of op de F2-toets op het toetsenbord. U kunt de regelaar voor de helderheid in 'Systeemvoorkeuren' > 'Beeldschermen' gebruiken voor alle aangesloten beeldschermen.

Beeldschermen van andere fabrikanten dan Apple hebben soms ingebouwde regelaars voor de helderheid en de kleur. Raadpleeg de documentatie van het beeldscherm om te zien of het ingebouwde regelaars heeft.

Als u een beeldscherm, projector of hdtv aansluit met een HDMI-kabel, ziet u mogelijk een verschil in beeldkwaliteit als het beeldscherm op televisiemodus is ingesteld. Stel het beeldscherm in op de monitor-modus (indien beschikbaar) om de beste beeldkwaliteit te verkrijgen.

U kunt ook elk beeldscherm kalibreren op het tabblad Kleur in de voorkeuren voor Beeldschermen om de beste kleur en helderheid van het beeldscherm te verkrijgen.

Als u heldere of donkere pixels ziet

Raadpleeg deze artikelen voor hulp als individuele pixels op het beeldscherm te helder of te donker lijken: 

Beeldschermen aansluiten met behulp van Thunderbolt 3 (USB-C)

Met de Apple Thunderbolt 3 (USB-C)-naar-Thunderbolt 2-adapter kunnen de MacBook Pro-modellen uit 2016 met Thunderbolt 3 (USB-C)-poorten aan oudere apparaten die zijn voorzien van Thunderbolt (10 Gbps) of Thunderbolt 2 (20 Gbps), worden gekoppeld. Dit is bijvoorbeeld de adapter die u moet gebruiken om uw MacBook Pro te koppelen aan een Apple Thunderbolt Display of een Thunderbolt 2-opslagapparaat van derden.

Met deze adapter kunnen geen mini DisplayPort-beeldschermen worden aangesloten. Dit geldt ook voor de volgende Apple adapters en beeldschermen: 

  • Apple mini DisplayPort-naar-Dual-Link-DVI-adapter
  • Apple mini DisplayPort-naar-DVI-adapter
  • Apple mini DisplayPort-naar-VGA-adapter
  • Apple LED Cinema Display

Als u een compatibel beeldscherm met behulp van een Thunderbolt 3-(USB-C)-naar-Thunderbolt 2-adapter wilt aansluiten en er geen beeld op het beeldscherm verschijnt, koppelt de adapter u los en sluit u deze opnieuw aan.

Meer hulp

Als u deze stappen hebt geprobeerd en het beeldscherm werkt nog steeds niet, neemt u contact op met Apple Support voor meer hulp.

Hieraan kunnen kosten zijn verbonden als het problemen betreft die niet worden gedekt door de garantie of het AppleCare Protection Plan (APP).

Informatie over producten die niet door Apple zijn gemaakt of externe websites die niet door Apple worden beheerd of getest, wordt verstrekt zonder aanbeveling of goedkeuring. Apple aanvaardt geen aansprakelijkheid wat betreft de keuze, de prestaties of het gebruik van websites of producten van derden. Apple doet geen enkele toezegging met betrekking tot de juistheid of de betrouwbaarheid van websites van derden. Aan het gebruik van internet zijn risico’s verbonden. Neem contact op met de leverancier voor meer informatie. Andere bedrijfs- en productnamen zijn mogelijk handelsmerken van de respectievelijke eigenaars.

Publicatiedatum: