Referentiemodi gebruiken met een Apple beeldscherm

Lees hier hoe je de meegeleverde referentiemodi van je MacBook Pro gebruikt met het Liquid Retina XDR-display, het Studio Display of de Pro Display XDR en hoe je aangepaste referentiemodi aanmaakt voor specifieke workflowbehoeften.

MacBook Pro, Studio Display en Pro Display XDR worden geleverd met een aantal referentiemodi die geschikt zijn voor typische workflows voor het maken van materiaal op verschillende mediatypen. Als je een aangepaste kleurenworkflow hebt, kun je aangepaste referentiemodi aanmaken voor de gewenste toepassing.

Een referentiemodus kiezen

Een referentiemodus kiezen in 'Systeeminstellingen' (of 'Systeemvoorkeuren'):

  1. Kies het Apple-menu  > 'Systeeminstellingen' (of 'Systeemvoorkeuren').

  2. Klik op 'Beeldschermen'.

  3. Als je meerdere beeldschermen hebt aangesloten:

    • In macOS Ventura selecteer je het beeldscherm bovenaan het venster 'Beeldschermen'.

    • In macOS Catalina of ouder klik je op 'Beeldscherminstellingen' en selecteer je het beeldscherm in de navigatiekolom.

  4. Kies in het venstermenu 'Voorinstelling' een referentiemodus.

Je kunt ook een referentiemodus kiezen vanuit het bedieningspaneel:

  1. Klik in de menubalk op het symbool BedieningspaneelGeen alternatieve tekst geleverd voor afbeelding.

  2. Klik op 'Beeldscherm'.

  3. Klik op de pijl rechtsGeen alternatieve tekst geleverd voor afbeelding naast het beeldscherm waarmee je de referentiemodus wilt gebruiken en kies vervolgens een modus. Als je snel tussen verschillende modi wilt schakelen, kies je de referentiemodi die je wilt zien in het bedieningspaneel.

True Tone, Pas automatisch aan en Night Shift zijn mogelijk niet beschikbaar met de gekozen modus.

Favoriete referentiemodi kiezen

Je kunt kiezen welke referentiemodi worden weergegeven in het gedeelte 'Beeldscherm' van het bedieningspaneel:

  1. Kies het Apple-menu  > 'Systeeminstellingen' (of 'Systeemvoorkeuren').

  2. Klik op 'Beeldschermen'.

  3. Als je meerdere beeldschermen hebt aangesloten:

    • In macOS Ventura selecteer je het beeldscherm bovenaan het venster 'Beeldschermen'.

    • In macOS Monterey of ouder klik je op 'Beeldscherminstellingen' en selecteer je het beeldscherm in de navigatiekolom.

  4. Klik op het venstermenu 'Voorinstellingen' en kies vervolgens 'Pas voorinstellingen aan'.

  5. Kies in de kolom 'Toon in menu' de referentiemodi die je wilt zien in het bedieningspaneel en klik vervolgens op 'Gereed'.

Meer informatie over referentiemodi

Je kunt de meegeleverde referentiemodi van je beeldscherm gebruiken om te voldoen aan de productievereisten van HDR-, HD-, SD-video en andere mediatypen. Elke referentiemodus stelt het kleurbereik, het witpunt, de gamma en de helderheid op het beeldscherm in.

Dit gedeelte geeft meer informatie over alle referentiemodi die zijn inbegrepen bij je beeldscherm.

Apple XDR Display (P3-1600 nits)

Gebruik deze modus op MacBook Pro voor algemene woon- en kantooromgevingen. Deze modus is gebaseerd op de primaire kleuren in het brede P3-kleurenbereik die op Apple beeldschermen worden gebruikt en ondersteunt XDR (Extreme Dynamic Range) tot maximaal 1600 nits (piek).

Pro Display XDR (P3-1600 nits)

Gebruik deze modus op Pro Display XDR voor algemene woon- en kantooromgevingen. Deze modus is gebaseerd op de primaire kleuren in het brede P3-kleurenbereik die op Apple beeldschermen worden gebruikt en ondersteunt XDR (Extreme Dynamic Range) tot maximaal 1600 nits (piek).

Apple Display (P3-500 nits)

Gebruik deze modus voor algemene woon- en kantooromgevingen. Deze modus is gebaseerd op de primaire kleuren in het brede P3-kleurenbereik en ondersteunt een helderheidsbereik van maximaal 500 nits dat kenmerkend is voor ingebouwde beeldschermen van Apple.

Apple Display (P3-600 nits)

Gebruik deze modus voor algemene woon- en kantooromgevingen. Deze modus is gebaseerd op de primaire kleuren in het brede P3-kleurenbereik en ondersteunt een helderheidsbereik van maximaal 600 nits dat kenmerkend is voor ingebouwde beeldschermen van Apple.

HDR-video (P3-ST 2084)

Gebruik deze modus op MacBook Pro of Pro Display XDR voor 4K- of ultra high-definition-workflows voor videoproductie tot maximaal 1000 nits (ondersteuning voor schermvullende weergave) met behulp van de primaire kleuren in het brede P3-kleurenbereik en de high-dynamic-range SMPTE ST-2084 EOTF. Deze modus is ontworpen voor gecontroleerde kijkomgevingen die zijn geconfigureerd per ITU-R BT.2100.

HDTV-video (BT.709-BT.1886)

Gebruik deze modus voor high-definition-workflows voor videoproductie die gericht zijn op de ITU-R BT.709- en BT.1886-aanbevelingen. Deze modus is ontworpen voor gecontroleerde kijkomgevingen die zijn geconfigureerd per ITU-R BT.2035.

NTSC-video (BT.601 SMPTE-C)

Gebruik deze modus voor standard-definition- of gearchiveerde workflows voor videoproductie die gericht zijn op de ITU-R BT.601-aanbeveling en SMPTE-C-hoofdkleuren. Deze modus is ontworpen voor gecontroleerde kijkomgevingen die zijn geconfigureerd per ITU-R BT.2035.

PAL- en SECAM-video (BT.601 EBU)

Gebruik deze modus voor standard-definition- of gearchiveerde workflows voor videoproductie die gericht zijn op de ITU-R BT.601-aanbeveling en EBU Tech 3213-hoofdkleuren. Deze modus is ontworpen voor gecontroleerde kijkomgevingen die zijn geconfigureerd per ITU-R BT.2035.

Digitale film (P3-DCI)

Gebruik deze modus voor speelfilm- en postproductieworkflows met behulp van het P3 theatrale kleurbereik en digital cinema-witpunt. Deze modus is ontworpen voor gecontroleerde kijkomgevingen die zijn geconfigureerd per SMPTE-RP 431-2:2011.

Digitale film (P3-D65)

Gebruik deze modus voor speelfilm- en postproductieworkflows met behulp van het P3 theatrale kleurbereik en het D65-witpunt. Deze modus is ontworpen voor gecontroleerde kijkomgevingen die zijn geconfigureerd per SMPTE-RP 431-2:2011.

Ontwerpen en drukken (P3-D50)

Gebruik deze modus voor grafisch-ontwerp-, afdruk-, en publiceerworkflows. Deze modus maakt gebruik van brede P3-hoofdkleuren voor een bredere kleurweergave dan een standaard sRGB-beeldscherm. In plaats van het D65-witpunt gebruikt de modus het D50-witpunt dat meestal wordt gebruikt om de kleur van afgedrukte uitvoer te evalueren in lijn met de specificaties van ISO 3664:2009 en ISO 12646:2015.

Fotografie (P3-D65)

Gebruik deze modus voor standaardworkflows voor digitale fotografie. Deze modus maakt gebruik van brede P3-hoofdkleuren met het D65-witpunt dat meestal gebruikt wordt voor schermgebaseerd kijken. De modus is ontworpen voor kijkomgevingen die op de juiste manier geconfigureerd en gecontroleerd zijn.

Internet en web (sRGB)

Gebruik deze modus voor contentcreatieworkflows die gericht zijn op het web of ander internetgebaseerd gebruik. Deze modus maakt gebruik van het breed ondersteunde kleurbereik sRGB (IEC 61966-2-1:1999) volgens de W3C CSS Kleurmodule niveau 3-aanbeveling. De modus is ontworpen voor kijkomgevingen die op de juiste manier geconfigureerd en gecontroleerd zijn (64 lux wordt aanbevolen).

Aangepaste referentiemodi

Geavanceerde gebruikers kunnen aangepaste referentiemodi aanmaken die zijn afgestemd op unieke workflowbehoeften door te kiezen uit verschillende opties voor kleurengamma, witpunt, luminantie en overdrachtsfuncties. Meer informatie over de geavanceerde opties die je kunt configureren voor aangepaste referentiemodi.

Een aangepaste referentiemodus aanmaken

  1. Kies het Apple-menu  > 'Systeeminstellingen' (of 'Systeemvoorkeuren').

  2. Klik op 'Beeldschermen'.

  3. Als je meerdere beeldschermen hebt aangesloten:

    • In macOS Ventura selecteer je het beeldscherm bovenaan het venster 'Beeldschermen'.

    • In macOS Monterey of ouder klik je op 'Beeldscherminstellingen' en selecteer je het beeldscherm in de navigatiekolom.

  4. Klik op het venstermenu 'Voorinstellingen' en kies vervolgens 'Pas aan'.

  5. Klik op de knop 'Voeg toe'Geen alternatieve tekst geleverd voor afbeelding en pas vervolgens de instellingen voor je referentiemodus aan.

  6. Voer een naam en beschrijving in voor de referentiemodus en klik vervolgens op 'Bewaar voorinstelling'.

Aangepaste referentiemodi importeren en exporteren

  1. Kies het Apple-menu  > 'Systeeminstellingen' (of 'Systeemvoorkeuren').

  2. Klik op 'Beeldschermen'.

  3. Als je meerdere beeldschermen hebt aangesloten:

    • In macOS Ventura selecteer je het beeldscherm bovenaan het venster 'Beeldschermen'.

    • In macOS Monterey of ouder klik je op 'Beeldscherminstellingen' en selecteer je het beeldscherm in de navigatiekolom.

  4. Klik op het venstermenu 'Voorinstellingen', kies 'Pas aan' en voer een van de volgende handelingen uit:

    • Een referentiemodus importeren: selecteer het menu 'Taak'Geen alternatieve tekst geleverd voor afbeelding, kies 'Importeer', selecteer het bestand dat je wilt importeren en klik vervolgens op 'Open'.

    • Een referentiemodus exporteren: kies een referentiemodus, selecteer het menu 'Taak'Geen alternatieve tekst geleverd voor afbeelding, kies 'Exporteer' en klik vervolgens op 'Bewaar'.

Meer informatie

Publicatiedatum: