MacBook Pro (14-inch, M5 Pro of M5 Max) - Moederbord
Voordat je begint
Waarschuwing
Lees Batterijveiligheid en volg de richtlijnen voor werkplekken en de omgang met batterijen voordat je begint.
Verwijder de volgende onderdelen voordat je begint:
Gereedschappen
Instelbare momentschroevendraaier (0,3-1,2 Nm)
Instelbare momentschroevendraaier (10-34 Ncm)
ESD-veilig pincet
Kapton-tape
Nylon sonde (zwart staafje)
Kruiskopschroevendraaier, nr. 00
Opmerking: alleen vereist bij het installeren van een vervangend moederbord.
Momentschroevendraaier (blauw, 0,65 kgf cm)
Torx Plus 3IP 44-mm halve-maanbitje
Torx Plus 5IP 44-mm halve-maanbitje
Torx Plus 5IP 50-mm bitje
Torx T6 25-mm beveiligingsbitje
Raadpleeg een volledige lijst met gereedschappen die nodig zijn voor alle reparaties.
Belangrijk
Als je dit onderdeel vervangt, wordt het aanbevolen om de reparatie-assistent uit te voeren om de reparatie te voltooien. De Reparatie-assistent is beschikbaar op het apparaat nadat je alle montagestappen hebt voltooid.
Voor deze procedure zijn schroefafdekplaatjes (923-07049) vereist. Deze kunnen ook afzonderlijk worden besteld.
Demontage
Opmerking: Als je de demontagestappen al hebt voltooid, kun je meteen verdergaan met het opnieuw monteren van onderdelen.
Gebruik de blauwe momentschroevendraaier met het 3IP-bitje om de 17 3IP-schroeven uit de volgende acht afdekplaatjes te verwijderen:
Twee 3IP-schroeven (923-13444) uit het afdekplaatje van de connector van de MagSafe 3-kaart (1)
Drie 3IP-schroeven (923-13444) uit het afdekplaatje van de connector van de USB-C-kaarten links (2)
Twee 3IP-schroeven (923-13444) uit het afdekplaatje van de connector van de geluidskaart (3)
Twee 3IP-schroeven (923-13444) uit het afdekplaatje van de connector van de USB-C-kaart rechts (4)
Twee 3IP-schroeven (923-13445) uit het afdekplaatje van de connector van de Touch ID-kaart (5)
Vier 3IP-schroeven (923-13444) uit de afdekplaatjes van de connector van het beeldscherm (6, 7)
Twee 3IP-schroeven (923-13444) uit het afdekplaatje van de connector van de hoeksensor van de klep (8)

Verwijder de acht afdekplaatjes (1-8) en bewaar deze om ze later weer te monteren.

Gebruik het zwarte staafje om de uiteinden van de volgende 10 flexkabels uit de connectors op het moederbord te tillen:
Flexkabel van de MagSafe 3-kaart (1)
Flexkabels van USB-C-kaarten links (2, 3)
Flexkabel van geluidskaart (4)
Flexkabel van USB-C-kaart rechts (5)
Flexkabel van Touch ID-kaart (6)
Flexibele voedingskabel van achtergrondverlichting van beeldscherm (7)
Flexkabel van FaceTime HD-camera (8)
eDP-flexkabel (Embedded DisplayPort) (9)
Flexkabel van hoeksensor van klep (10)

Trek de flexkabel van de Touch ID-kaart voorzichtig van het moederbord.

Maak de klemmetjes van de flexkabel van het beeldscherm los van het interne frame van de bovenbehuizing. Vouw ze voorzichtig over de rand van de bovenbehuizing om de bumpers van de flexkabel van het beeldscherm vrij te leggen.

Til de bumpers van de flexkabel van het beeldscherm uit de bovenbehuizing. Bewaar ze om ze later weer te monteren.

Gebruik een ESD-veilig pincet om de lipjes van polyesterfolie op de uiteinden van de volgende zeven flexkabels te verwijderen:
Flexkabel van microfoon (1)
Flexkabel van linkerspeaker (2)
Flexkabel van achtergrondverlichting toetsenbord (3)
Flexkabel van toetsenbord (4)
Flexkabel van rechterspeaker (5)
Flexkabel van ventilator rechts (6)
Flexkabel van ventilator links (7)
Gebruik het zwarte staafje om de vergrendelingspalletjes op de zeven connectors van de flexkabels omhoog te klappen (1-7).

Schuif de uiteinden van de volgende zeven flexkabels uit de connectors:
Flexkabel van microfoon (1)
Flexkabel van linkerspeaker (2)
Flexkabel van achtergrondverlichting toetsenbord (3)
Flexkabel van toetsenbord (4)
Flexkabel van rechterspeaker (5)
Flexkabel van ventilator rechts (6)
Flexkabel van ventilator links (7)

Gebruik een ESD-veilig pincet om de schroefafdekplaatjes van polyesterfolie los te maken van vier schroeven.
Belangrijk: Gebruik schroefafdekplaatjes niet opnieuw. Nieuwe schroefafdekplaatjes (923-07049) kunnen afzonderlijk worden besteld.

Gebruik de instelbare momentschroevendraaier van 10-34 Ncm met het Torx Plus 5IP 50-mm bitje om zes 5IP-schroeven uit het moederbord te verwijderen:
Twee schroeven (923-13435) (1)
Vier schroeven (923-13434) (2)

Gebruik de instelbare momentschroevendraaier van 10-34 Ncm met het Torx 5IP 50 mm-bitje om de volgende vijf 5IP-schroeven in de aangegeven volgorde uit het moederbord te verwijderen:
Eén schroef (923-13435) (1)
Twee schroeven (923-13437) (2)
Twee schroeven (923-13438) (3)

Gebruik het zwarte staafje om alle lijmresten van de schroefafdekplaatjes van het moederbord te verwijderen.
Gebruik de instelbare momentschroevendraaier van 0,3-1,2 Nm met het Torx T6 25-mm beveiligingsbitje om de volgende drie 6IP-schroeven te verwijderen uit het moederbord:
Twee schroeven (923-13433) (1)
Eén schroef (923-13436) (2)

Open het ESD-veilige pincet en steek één punt onder de flexkabel van de linkerventilator. Schuif de punt van het pincet voorzichtig onder de flexkabel om de plakstrip tussen de flexkabel en het moederbord los te maken. Herhaal deze stap om de plakstrip op de flexkabel van de rechterventilator los te maken.
Voorzichtig
Houd het pincet evenwijdig aan het oppervlak van moederbord om schade te voorkomen.
Raak geen van de kleine componenten op het moederbord of de flexkabels van de ventilator aan.

Verwijder de afdekkingen van de ventilatiekanalen uit de ventilatoren (1). Vouw vervolgens de afdekkingen van de ventilatiekanalen en de flexkabels voorzichtig terug. Gebruik Kapton-tape om ze vast te zetten, zoals aangegeven in de afbeelding.
Voorzichtig
Trek de flexkabels niet te strak aan. Plak ze losjes naar achteren vast, zodat je het moederbord gemakkelijk kunt optillen.
Zet de trackpad- en de flexkabels van de BMU (Battery Management Unit) niet vast met tape.

Gebruik het zwarte staafje om het moederbord aan de rand iets op te tillen, zoals in de afbeelding.

Til het moederbord voorzichtig op zoals aangegeven in de afbeelding. Schuif het moederbord vervolgens uit de bovenbehuizing. Gebruik het zwarte staafje om de trackpad- en BMU-flexkabels naar achter te houden terwijl je het moederbord verwijdert.

Voorzichtig: Zorg dat je de flexkabel van de Touch ID-kaart niet beschadigt wanneer je het moederbord verwijderd.

Voorzichtig: Verwijder het koelelement niet van het moederbord.

Montage
Voorzichtig
Als je een vervangend moederbord installeert, moet je de verpakking en verstevigde stukken bewaren. Deze moet je namelijk overbrengen naar het bestaande moederbord voordat je dit terugstuurt naar Apple Service om beschadiging tijdens de verzending te voorkomen.
Belangrijk
Als je het bestaande moederbord gaat terugplaatsen, ga je verder met montagestap 10.
Als je een vervangend moederbord installeert, voer je alle montagestappen uit.
Gebruik een kruiskopschroevendraaier nr. 00 om de zes kruiskopschroeven in de bovenste verstevigde stukken op het vervangende moederbord los te draaien. Opmerking: de vier verstevigde stukken zijn als volgt gemarkeerd:
TL (linksboven)
TR (rechtsboven)
BL (linksonder)
BR (rechtsonder)

Til de bovenste verstevigde stukken van het vervangende moederbord en bewaar ze.
Til het vervangende moederbord van de onderste verstevigde stukken en leg het aan de kant.
Plaats de onderste verstevigde stukken op het bestaande moederbord, zoals weergegeven. Houd de schroefgaten in de onderste verstevigde stukken precies boven de schroefgaten in het bestaande moederbord. Houd de onderste verstevigde stukken op hun plaats en draai het moederbord om.

Plaats de bovenste verstevigde stukken op het bestaande moederbord. Houd de schroefgaten in de bovenste verstevigde stukken precies boven de schroefgaten in het bestaande moederbord.

Belangrijk: De dopschroeven in de bovenste verstevigde stukken duw je door de schroefgaten van het moederbord in de schroefgaten in de onderste verstevigde stukken.
Gebruik een kruiskopschroevendraaier nr. 00 om de zes kruiskopschroeven vast te draaien in de vier verstevigde stukken.

Leg het bestaande moederbord in de ESD-veilige verpakking van het nieuwe moederbord.
Leg het verpakte moederbord in de voorgevormde schuimbuffer.
Sluit de doos en verzegel deze. Verstuur de doos naar Apple Service.

Zorg dat de afschermingen van de ventilatorkanalen en flexkabels van de ventilatoren zijn omgevouwen en met Kapton-tape zijn vastgemaakt aan de bovenbehuizing.

Gebruik het zwarte staafje om de trackpad- en BMU-flexkabels vast te houden (1). Pak het moederbord aan de randen vast. Kantel de rand van het moederbord omlaag om het in de bovenbehuizing te plaatsen (2). Laat het moederbord vervolgens in de bovenbehuizing zakken (3).


Voorzichtig: beschadig de flexkabel van de Touch ID-kaart niet als je het moederbord positioneert.

Verwijder voorzichtig de Kapton-tape van de afdekkingen van de ventilatiekanalen en flexkabels. Plaats de afdekkingen van de ventilatiekanalen en druk erop om ze aan het koelelement te bevestigen.

Stel de instelbare momentschroevendraaier van 0,3-1,2 Nm in op een draaimoment van 0,4 Nm. Gebruik de instelbare momentschroevendraaier met het Torx T6 25-mm beveiligingsbitje om een 6IP-schroef (923-13436) terug te plaatsen.


Houd de instelbare momentschroevendraaier ingesteld op 0,4 Nm en installeer vervolgens twee 6IP-schroeven (923-13433) in de afgebeelde volgorde.


Gebruik de blauwe momentschroevendraaier met Torx Plus 5IP 44-mm halve-maanbitje om vier 5IP-schroeven (923-13434) terug te plaatsen.

Stel de instelbare momentschroevendraaier van 10-34 Ncm in op een draaimoment van 20,5 Ncm. Gebruik vervolgens de instelbare momentschroevendraaier met het Torx Plus 5IP 50-mm bitje om de volgende vijf 5IP-schroeven terug te plaatsen:
Eén schroef (923-13435) (1)

Twee schroeven (923-13437) (2)

Twee schroeven (923-13438) (3)


Stel het draaimoment van de instelbare momentschroevendraaier van 10-34 Ncm in op 17,5 Ncm. Gebruik vervolgens de instelbare momentschroevendraaier met het Torx Plus 5IP 50-mm bitje om de twee 5IP-schroeven (923-13435) terug te plaatsen.


Duw alleen het gevouwen gedeelte van de flexkabels van de FaceTime HD-camera en de eDP-flexkabel (lengte van de flexkabel die zich het dichtst bij het beeldscherm bevindt) in de opening tussen het beeldscherm en het interne frame. Plaats vervolgens de bumper van de flexkabel van het beeldscherm in het interne frame en over de gevouwen gedeelten van de flexkabels van het beeldscherm, zoals afgebeeld.

Belangrijk: Controleer de onderkant voordat je de twee bumpers van de flexkabels terugplaatst. Als daar een foamstrip zit, gaat de bumper onder de flexkabels voor de camera en embedded DisplayPort.
Leid de flexkabel van de FaceTime HD-camera en de eDP-flexkabel rond de randen van de bumpers van de flexkabel van het beeldscherm (1). Steek vervolgens de flexkabels van het beeldscherm in de opening tussen het interne frame en het moederbord (2).


Druk voorzichtig de connectors van elke flexkabel vast.

Druk de klemmetjes van de flexkabels van het beeldscherm vervolgens over de bumpers en in het interne frame. Zodra de flexkabel van de FaceTime HD-camera en de eDP-flexkabel op hun plaats zijn geklikt, herhaal je stappen 18 tot en met 20 met de flexkabel van de achtergrondverlichting van het beeldscherm.

Schuif de uiteinden van de volgende zeven flexkabels in de connectors:
Flexkabel van microfoon (1)
Flexkabel van linkerspeaker (2)
Flexkabel van achtergrondverlichting toetsenbord (3)
Flexkabel van toetsenbord (4)
Flexkabel van rechterspeaker (5)
Flexkabel van ventilator rechts (6)
Flexkabel van ventilator links (7)
Gebruik het platte uiteinde van het zwarte staafje om de vergrendelingspalletjes omlaag te klappen. Druk vervolgens de lipjes van polyesterfolie op de uiteinden van de zeven flexkabels (1-7).

Houd de flexkabel van de linkerventilator 15 seconden ingedrukt om deze aan het moederbord te bevestigen. Herhaal deze stap om de plakstrip op de flexkabel van de rechterventilator te bevestigen.

Druk de uiteinden van de volgende tien flexkabels op de connectors op het moederbord:
Flexkabel van de MagSafe 3-kaart (1)
Flexkabels van USB-C-kaarten links (2, 3)
Flexkabel van geluidskaart (4)
Flexkabel van USB-C-kaart rechts (5)
Flexkabel van Touch ID-kaart (6)
Flexibele voedingskabel van achtergrondverlichting van beeldscherm (7)
Flexkabel van FaceTime HD-camera (8)
eDP-flexkabel (9)
Flexkabel van hoeksensor van klep (10)

Plaats de volgende acht afdekplaatjes op de connectors op het moederbord:
Afdekplaatje van de connector van de MagSafe 3-kaart (1)
Belangrijk: Het afdekplaatje van de connector van de MagSafe 3-kaart heeft een ronde opdruk aan de onderkant.
Afdekplaatje van de connector van de USB-C-kaarten links (2)
Belangrijk: Zorg ervoor dat de gewatteerde kant van het afdekplaatje van de connector van de USB-C-kaarten links naar boven is gericht zoals weergegeven.
Afdekplaatje van de connector van de geluidskaart (3)
Afdekplaatje van de connector van USB-C-kaart rechts (4)
Belangrijk: Zorg ervoor dat de foamkant van het afdekplaatje van de connector van de rechter USB-C-kaart naar boven is gericht, zoals weergegeven.
Afdekplaatje van de connector van de Touch ID-kaart (5)
Afdekplaatje van de beeldschermconnector (6)
Afdekplaatje van de beeldschermconnector (7)
Afdekplaatje van connector van hoeksensor van klep (8)

Gebruik de blauwe momentschroevendraaier met het 3IP-bitje om de zeventien 3IP-schroeven terug te plaatsen in de acht afdekplaatjes (1-8):
15 schroeven (923-13444) (1-4, 6-8)

Twee schroeven (923-13445) (5)


Houd de flexkabel van de Touch ID-kaart 15 seconden ingedrukt om deze aan het moederbord te bevestigen.

Verwijder de vier nieuwe schroefafdekplaatjes van de plakstrip. Plaats de schroefafdekplaatjes over elk van de vier middelste schroeven. Houd elke schroefafdekking 15 seconden ingedrukt om deze aan de schroef te hechten.
Plaats de volgende onderdelen terug om de montage te voltooien:
Belangrijk
Afhankelijk van het vervangen onderdeel is de Reparatie-assistent mogelijk beschikbaar op het apparaat om de reparatie te voltooien. Lees hier hoe je de Reparatie-assistent startt.