De beatsequencer gebruiken in GarageBand voor iOS

In GarageBand voor iOS 2.3 maakt u grooves aan op uw iPhone of iPad met een interface die is geïnspireerd op klassieke drumcomputers. Daarna kunt u de groove toevoegen aan uw nummer.

Om aan de slag te gaan met de beatsequencer, maakt u een nieuw nummer of opent u een bestaand nummer. Als u een nieuw nummer hebt gemaakt, wordt de geluidskiezer automatisch geopend. Als u de beatsequencer wilt toevoegen aan een bestaand nummer, tikt u op symbool 'Geluidskiezer' om de geluidskiezer te openen.

Veeg in de geluidskiezer tot u 'Drums' ziet en tik vervolgens op 'Beatsequencer'.

Scherm 'Beatsequencer'

Snel een beat toevoegen aan uw nummer

Tik in de beatsequencer op knop 'Patronen' en kies het vooraf ontworpen patroon dat de gewenste stijl het beste beschrijft. Het patroon wordt afgespeeld op het tempo dat u hebt ingesteld voor uw nummer en wordt zo vaak herhaald als het patroon lang is. Elk vooraf ontworpen patroon heeft unieke instellingen, zoals de patroonlengte, die u kunt veranderen.

Om het patroon te stoppen en starten, tikt u op afspeelknop beatsequencer. Als u het patroon wilt toevoegen aan uw nummer, neemt u het patroon op.

U kunt het patroon wijzigen door stappen in of uit te schakelen. Elke rij correspondeert met een afzonderlijk instrument in het drumstel, dat wordt weergegeven aan de linkerkant van het raster. Als u een stap in het patroon wilt uitschakelen, tikt u op een verlichte stap in het raster. Tik op een onverlichte stap om een stap in te schakelen.

U kunt ook de geluiden in het patroon wijzigen. Als u een ander drumstel wilt, tikt u op de knop onder aan het scherm die het op dat moment geselecteerde drumstel weergeeft (zoals Trap Door of Hacienda). Selecteer in het venster 'Drums' de stijl van geluiden in de linkerkolom en het afzonderlijke drumstel in de rechterkolom. Als u meer geluiden wilt downloaden, tikt u op 'Download meer drumstellen' en selecteert u de gewenste geluiden in de geluidenbibliotheek. Tik op 'Gereed' wanneer u het gewenste drumstel hebt gevonden.

Uw eigen beat aanmaken

Als u uw eigen beat helemaal zelf wilt aanmaken, tikt u op de knop 'Patronen' en kiest u 'Nieuw patroon'. Tik op 'Stap/Aan Uit' om stappen toe te voegen en te verwijderen. U kunt stappen toevoegen en verwijderen terwijl beatsequencer bezig is met afspelen of inactief is.

Nadat u stappen hebt toegevoegd, kunt u elke individuele stap bewerken:

  • Tik op 'Aanslag' als u het volume van een stap wilt wijzigen. Veeg met uw vinger omlaag op de stap om het volume te verlagen en veeg omhoog om het volume te verhogen.
  • Als u een afzonderlijke stap wilt opdelen in meerdere stappen, tikt u op 'Nootherhaling'. Veeg uw vinger omhoog om het aantal parten te vergroten en omlaag om het aantal parten te verlagen.
  • Tik op 'Kans' om mensachtige variatie toe te voegen aan een stap. Veeg dan uw vinger omlaag om de variatie van de stap te verhogen.

Als u de instellingen van een volledige rij wilt bewerken, tikt u op een instrument aan de linkerkant van het raster. 

  • Als u een afzonderlijk onderdeel van een drumstel wilt veranderen, tikt u op 'Onderdeel van drumstel' in het venster 'Rij-instellingen'. Tik vervolgens op het onderdeel dat u aan die rij wilt toevoegen. Die rij speelt nu het nieuw toegewezen onderdeel van het drumstel af.
  • Als u de lengte van elke stap in de rij wilt wijzigen, tikt u op 'Staplengte' en selecteert u een lengte.
  • Als u de richting wilt veranderen waarop de beatsequencer dat instrument in het patroon afspeelt, tikt u op 'Afspeelmodus' en kiest u een optie.

Wanneer u uw beat hebt gemaakt, kunt u deze opslaan als een patroon. Tik op knop 'Patronen' en tik op 'Bewaar'. Voer een naam voor het patroon in en tik op 'Gereed'. U kunt dat patroon terugroepen en toevoegen aan verschillende nummers.

Wanneer u er klaar voor bent om het patroon toe te voegen aan een nummer, neemt u het patroon op.

Het patroon opnemen

Om het patroon in uw nummer op te nemen, tikt u op opnameknop op de regelbalk. Beatsequencer start automatisch. Het patroon wordt in een loop afgespeeld tot u stopt met opnemen. Wanneer u klaar bent met het opnemen van het patroon, tikt u op de knop 'Sporenweergave' knop 'Sporenweergave' om het opgenomen spoor weer te geven. Tik op afspeelknop op de regelbalk om het patroon te horen in de context van uw andere sporen.

Nadat u het patroon hebt opgenomen, kunt u het spoor bewerken en aanpassen zoals elk ander instrumentenspoor.

Patrooninstellingen weergeven en wijzigen

Beatsequencer gebruikt stappen om de lengte van een bepaald patroon te bepalen. Als uw nummer in maatsoort 4/4 is, kunt u de patroonlengte instellen tussen 16 en 64 stappen. Als uw nummer in maatsoort 3/4 of 6/8 is, kunt u de patroonlengte instellen tussen 12 en 48 stappen. U kunt ook de lengte van de loop van elk afzonderlijk onderdeel van het drumstel handmatig wijzigen door te tikken op de knop 'Loop begin/einde' en vervolgens de greep in elke rij te verslepen.

Tik op knop 'Info' om informatie weer te geven en instellingen te wijzigen voor het huidige patroon.

  • Lengte van patroon instellen (16, 32, 48 of 64 stappen in maatsoort 4/4, en 12, 24 en 48 stappen in maatsoort 3/4 en 6/8)
  • De staplengte instellen (1/8, 1/8t, 1/16, 1/6t, 1/32)
  • De afspeelmodus (Verder, Omgekeerd, Pingpong, Willekeurig) instellen
  • De hoeveelheid swing in het patroon instellen
  • Het patroon opnieuw instellen. Als u met een leeg patroon bent begonnen, wist u het raster door op 'Herstel' te tikken.
Publicatiedatum: