Als u in de app Mail geen e-mail kunt versturen omdat het venster ‘Nieuw bericht’ verdwijnt en daarna weer verschijnt

Wanneer u vanuit Mail op de Mac een bericht probeert te versturen, kan het gebeuren dat het berichtvenster snel en meerdere keren verdwijnt en dan weer verschijnt, zonder dat het bericht wordt verzonden.

Voor deze oplossing moeten er enkele bestanden worden verwijderd. Het is dan ook verstandig om eerst een reservekopie van de Mac te maken.

De programmastatusbestanden verwijderen

  1. Stop Mail. Mogelijk moet u het programma geforceerd stoppen.
  2. Kies in de menubalk van de Finder de optie Ga > ‘Ga naar map’.
  3. Plak of typ dit pad als één regel in het veld ‘Ga naar de map’, en druk op Return:

    ~/Library/Containers/com.apple.mail/Data/Library/Saved Application State/com.apple.mail.savedState

  4. De map ‘com.apple.mail.savedState’ wordt geopend. Sleep alle bestanden in deze map naar de Prullenmand.
  5. Start de Mac opnieuw op.

Als dit de eerste keer is dat u de stappen van dit gedeelte uitvoert, opent u Mail opnieuw en probeert u nogmaals een bericht te versturen.

De outbox.mbox-bestanden verwijderen

Als u het probleem niet hebt kunnen oplossen met de voorgaande stappen, voert u de volgende extra stappen uit.

  1. Stop Mail. Mogelijk moet u het programma geforceerd stoppen.
  2. Kies in de menubalk van de Finder de optie Ga > ‘Ga naar map’.
  3. Plak of typ dit pad in het veld ‘Ga naar de map’, en druk op Return:

    ~/Library/Mail/V3

  4. De map ‘V3’ wordt nu geopend. Typ outbox.mbox in het zoekveld in de hoek van het venster en druk op Return.
  5. De zoekopdracht levert mogelijk geen resultaten op. Tussen het zoekveld en de zoekresultaten ziet u als het goed is het woord Zoek, gevolgd door opties waarmee u de zoekopdracht kunt beperken tot ‘Deze Mac’, ‘V3’ en Gedeeld. Klik op ‘V3’.
  6. U moet nu ten minste één bestand met de naam ‘outbox.mbox’ zien in de zoekresultaten. Sleep alle bestanden met deze naam naar de Prullenmand.
  7. Start de Mac opnieuw op. Open vervolgens Mail weer en probeer nogmaals een bericht te versturen.

Naam van SMTP-server verwijderen en opnieuw toevoegen

Als u het probleem niet hebt kunnen oplossen met de voorgaande stappen, voert u de volgende extra stappen uit.

  1. Verwijder de programmastatusbestanden en start de computer opnieuw op, zoals beschreven in het eerste gedeelte, maar probeer nog niet om een bericht te versturen.
  2. Geef uw e-mailadres op in de tool Mail-instellingen opzoeken. Als de tool uw e-mailprovider niet kent, neem dan contact op met uw e-mailprovider en vraag om de instellingen voor uitgaande e-mail (SMTP) voor uw account.
  3. Open Mail en kies Mail > Voorkeuren. Klik op Accounts en selecteer uw e-mailaccount in de lijst.
  4. Kies in het venstermenu ‘Server uitgaande e-mail (SMTP)’ de optie ‘Wijzig SMTP-serverlijst’. De lijst van servers wordt weergegeven. Hierin hoort de server die bij uw e-mailaccount hoort, al geselecteerd te zijn.
  5. Klik op de knop ‘-’ om de geselecteerde server te verwijderen.
  6. Klik op ‘+’ om een SMTP-server toe te voegen. Gebruik de gegevens voor de uitgaande e-mailserver uit stap 2 om het veld Servernaam in te vullen. Dit is de hostnaam van uw server voor uitgaande e-mail.
  7. Klik op OK en sluit het paneel Voorkeuren van Mail. Bewaar de wijzigingen.
  8. Probeer nogmaals een bericht te versturen.

De bevoegdheden voor uw thuismap opnieuw instellen

Als u het probleem niet hebt kunnen oplossen met de voorgaande stappen, voert u de volgende laatste stappen uit.

  1. Stop Mail. Mogelijk moet u het programma geforceerd stoppen.
  2. Kies Ga > Thuismap in de menubalk van Finder. De thuismap wordt geopend.
  3. Kies Archief > Toon info. Een infovenster voor de thuismap wordt geopend.
  4. Klik op de driehoek naast het onderdeel ‘Delen en bevoegdheden’ onder in het venster als het niet is geopend om het te openen.
  5. Klik op de knop als het hangslot rechtsonder in het venster gesloten is. Voer vervolgens uw beheerdersnaam en wachtwoord in. 
  6. Klik op het actiemenu linksonder in het venster en kies vervolgens ‘Pas toe op ingesloten onderdelen’. Klik op OK om de actie te bevestigen.
  7. Open de app Terminal wanneer de voortgangsbalk boven in het infovenster sluit. Deze vindt u in de map Hulpprogramma’s in de map Programma’s.
  8. Plak of typ dit commando in Terminal en druk vervolgens op Return:

    diskutil resetUserPermissions / `id -u`
    Op Amerikaanse toetsenborden vindt u het teken ` net boven de Tab-toets.

  9. Stop Terminal wanneer het proces is voltooid. Nu zou u Mail moeten kunnen openen en berichten kunnen versturen.
Publicatiedatum: