Over de toetscombinatie voor toegankelijkheidsopties voor iPhone, iPad en iPod touch

Lees hier hoe u VoiceOver, AssistiveTouch, begeleide toegang en meer kunt toevoegen aan uw bedieningspaneel om de toegankelijkheid te verbeteren. En hoe u met drie keer klikken direct toegang hebt tot veelgebruikte toegankelijkheidsfuncties.

De zijknop gebruiken

Als u een iPhone X of hoger gebruikt, hebt u een zijknop in plaats van een thuisknop. Volg deze stappen:

  • Om de activeringsknop te configureren, gaat u naar 'Instellingen' > 'Algemeen' > 'Toegankelijkheid' > 'Activeringsknop'. Selecteer vervolgens de functies die u het meest gebruikt.
  • Als u een activeringsknop wilt gebruiken, drukt u drie keer op de zijknop.
  • Als u de snelheid voor twee of drie keer drukken op de zijknop wilt verlagen, gaat u naar 'Instellingen' > 'Algemeen' > 'Toegankelijkheid' > 'Zijknop'.

De thuisknop gebruiken

  • Om de activeringsknop te configureren, gaat u naar 'Instellingen' > 'Algemeen' > 'Toegankelijkheid' > 'Activeringsknop'. Selecteer vervolgens de functies die u het meest gebruikt.
  • Als u een activeringsknop wilt gebruiken, drukt u drie keer op de thuisknop.
  • Als u de snelheid voor twee of drie keer drukken op de thuisknop wilt verlagen, gaat u naar 'Instellingen' > 'Algemeen' > 'Toegankelijkheid' > 'Thuisknop'.

Het bedieningspaneel gebruiken

  • Als u het bedieningspaneel wilt aanpassen, gaat u naar 'Instellingen' > 'Bedieningspaneel' > 'Pas regelaars aan'. Tik vervolgens op toegankelijkheidsvoorzieningen zoals 'Snelle opties voor toegankelijkheid', 'Vergrootglas', 'Gehoorapparaten', 'Aangepaste aanraking' en 'Begeleide toegang'.
  • Als u een toegankelijkheidsfunctie via het bedieningspaneel wilt activeren, opent u het bedieningspaneel en tikt u op de toegankelijkheidsfunctie.

U kunt de toegankelijkheidsfuncties op een apparaat ook via iTunes beheren. Volg deze stappen:

  1. Sluit de iPhone, iPad of iPod touch aan op een computer met iTunes.
  2. Selecteer het apparaat in iTunes.
  3. Klik onder in het scherm 'Overzicht' bij 'Opties' op 'Configureer toegankelijkheid'.
  4. Selecteer de functie die u wilt gebruiken en klik op 'OK'.

Meer informatie over de toegankelijkheidsfuncties en het gebruik ervan vindt u in het gedeelte 'Toegankelijkheid' van de gebruikershandleiding van het iOS-apparaat.

 

Publicatiedatum: