OS X: USB-poorten op uw Mac identificeren

Macs die OS X ondersteunen, bevatten ingebouwde USB-poorten. U kunt Systeeminformatie of Systeemprofiel gebruiken om te achterhalen hoe snel deze poorten zijn en om te zien welke apparaten momenteel met deze poorten zijn verbonden.

Dit artikel is gearchiveerd en wordt niet meer bijgewerkt door Apple.

Gebruik systeeminformatie of Systeemprofiel om te zien of de USB-apparaten die verbonden zijn met uw Mac worden herkend door OS X. 

  1. Houd de Optie-toets op uw toetsenbord ingedrukt en klik op Apple-menu ().
  2. Kies Systeeminformatie of Systeemprofiel.
  3. Selecteer USB in de linkerkolom van het getoonde venster.

In de boomstructuur voor USB-apparaten staat welke apparaten op welke poorten zijn aangesloten. Elk apparaat staat onder de poort waarmee het verbonden is. Bepaalde poorten en apparaten zijn mogelijk intern. De interne FaceTime HD-camera op een iMac of MacBook Pro is bijvoorbeeld intern op een USB-poort op uw computer aangesloten. 

USB-snelheden

Bekijk de pagina met specificaties voor uw computer op de Apple Support-website om te zien welke soorten ingebouwde USB-poorten uw Mac bevat. 

USB 3 kan sneller communiceren dan USB 2 en zowel USB 2 als USB 3 zijn sneller dan USB 1. Selecteer een verbonden apparaat in de apparaatboomstructuur om de potentiële snelheid ervan te controleren. Kijk hiervoor naar de snelheidsaanduiding in het onderste gedeelte van het venster.

In het bovenstaande voorbeeld levert een Apple Optical USB-muis USB 1-snelheden. De muis is verbonden met een USB-hub die is ingebouwd in een toetsenbord. De toetsenbordhub levert USB 2-snelheden.

snelheid betekenis
5 Gbps De poort/het apparaat levert USB 3-snelheden.
480 Mbps De poort/het apparaat levert USB 2-snelheden.
1,5 Mbps De poort/het apparaat levert USB 1-snelheden.

Als een apparaat niet werkt op de snelheid die u verwacht, probeert u dit direct op een USB-poort op uw computer aan te sluiten. 

  • Sluit de snelste apparaten aan op de snelste poorten voor het beste resultaat. Sluit een USB 3-schijf bijvoorbeeld aan op een USB 3-poort. Wanneer u een snel apparaat op een langzamere poort aansluit, kan dit de communicatie van het apparaat met de computer vertragen. Als u een iOS-apparaat gebruikt, controleer dan of het is aangesloten op een poort of hub van 480 Mbps of sneller. Als dit niet het geval is, moet u het apparaat aansluiten op een andere USB-poort op de computer. 
  • Het aansluiten van een langzamer USB-apparaat op een snellere USB-poort zorgt er niet voor dat het langzamere apparaat sneller werkt. Een USB 2-toetsenbord werkt bijvoorbeeld nog steeds op USB 2-snelheden wanneer het is aangesloten op een USB 3-poort.

USB-hubs

De apparaatboomstructuur geeft ook alle USB-hubs weer die zijn aangesloten op elke USB-bus, waaronder toetsenborden en beeldschermen met ingebouwde USB-hubs. Controleer de snelheid van deze hubs voordat u er een apparaat op aansluit. Niet alle USB-hubs gebruiken USB 2 of nieuwer, in het bijzonder niet op oudere hardware.

Bepaalde schermen en computers kunnen groepen van hun ingebouwde poorten als ‘hubs’ in de apparaatboomstructuur weergeven. Een Mac Pro kan bijvoorbeeld de verzameling USB-poorten aan de voorkant als één hub weergeven en de verzameling USB-poorten aan de achterkant als een andere hub. Intern aangesloten USB-apparaten kunnen ook zijn aangesloten op een interne USB-hub op het moederbord van de computer of in een apparaat zoals een iPhone.

Meer informatie

FaceTime is niet in alle landen of regio’s beschikbaar.

Publicatiedatum: