Apple biedt op gezette tijden software-updates (ofwel firmware-updates) aan die de prestaties, beveiliging en functionaliteit van AirPort-apparaten verbeteren. Ga als volgt te werk om te zorgen dat uw basisstation up-to-date is.
Voordat u begint
- Zorg dat het basisstation en de Mac of het iOS-apparaat (iPhone, iPad of iPod touch) met internet zijn verbonden.
- Als het basisstation een Time Machine-reservekopie uitvoert of een harde schijf binnen het netwerk deelt, zorgt u ervoor dat geen enkel apparaat momenteel die schijf gebruikt. Tijdens een update zijn het AirPort-basisstation en de netwerkvoorzieningen die het verzorgt, tijdelijk niet beschikbaar.
Start het basisstation opnieuw op
Open AirPort-configuratieprogramma op de Mac of het iOS-apparaat en volg deze stappen om het basisstation opnieuw op te starten. Als u meerdere basisstations hebt, start u het primaire basisstation als laatste opnieuw op.

AirPort-configuratieprogramma toont een grafisch overzicht van het wifinetwerk en de daarmee verbonden basisstations. Het primaire basisstation ('Home', in dit voorbeeld) is verbonden met internet via de modem of router.
- Selecteer het basisstation in AirPort-configuratieprogramma en voer vervolgens het wachtwoord van het basisstation in als u hierom wordt gevraagd.
- Kies op een Mac 'Basisstation' > 'Herstart' in de menubalk.
- Tik op een iOS-apparaat op het basisstation in AirPort-configuratieprogramma en tik vervolgens op 'Wijzig' > 'Geavanceerd' > 'Herstart basisstation'.
Als u niet kunt herstarten via AirPort-configuratieprogramma, trekt u gewoon de stekker van het basisstation enkele seconden uit het stopcontact en steekt u deze er opnieuw in.
Kijk of er een firmware-update is
- Nadat u het basisstation hebt herstart, selecteert u het basisstation in AirPort-configuratieprogramma voor informatie over het apparaat. Als u meerdere basisstations hebt, begint u met het basisstation dat zich het verst van het primaire basisstation bevindt.
- Op de Mac wordt in het venstermenu de knop 'Werk bij' weergegeven als er een update beschikbaar is. Klik op de knop 'Werk bij' om de update te installeren.

- Op iOS-apparaten wordt in het infoscherm naast 'Versie' een badge met een getal weergegeven als er een update beschikbaar is. Tik achtereenvolgens op 'Versie' en op 'Download en installeer'.

- Het basisstation start na de installatie van de update automatisch opnieuw op. Herhaal deze stappen voor alle andere basisstations die u gebruikt. Werk het primaire basisstation als laatste bij.

Nieuwste updates
| Basisstation | Nieuwste firmware* | Hoe u deze firmware downloadt en installeert |
|---|---|---|
AirPort Time Capsule 802.11ac AirPort Extreme 802.11ac |
Versie 7.9.1 |
|
AirPort Time Capsule 802.11n AirPort Extreme 802.11n |
Versie 7.8.1 |
|
| AirPort Express 802.11n | Versie 7.8 |
|
AirPort Express
|
|
|
* Alleen informatie. Gebruik AirPort-configuratieprogramma om firmware te downloaden en te installeren.
** Op Mac-computers met OS X Mountain Lion of Lion gebruikt u AirPort-configuratieprogramma 6.3.1. Op computers met Snow Leopard of Leopard gebruikt u Airport-configuratieprogramma 5.6.1. Dit biedt ondersteuning voor 802.11n-modellen en de originele AirPort Express.

Meer informatie
- Lees hoe u wifiproblemen opspoort op een Mac of iOS-apparaat.
- Sommige functies van basisstations zijn alleen beschikbaar als u het wifinetwerk beheert op het nieuwste besturingssysteem voor de Mac of het iOS-apparaat.
- Als een van de netwerkapparaten niet compatibel is met de bijgewerkte firmware, kunt u mogelijk een oudere versie van de firmware installeren. Op de Mac klikt u in AirPort-configuratieprogramma op het basisstation. Vervolgens houdt u de Option-toets ingedrukt en klikt u op het versienummer van de firmware. Op een iOS-apparaat tikt u in AirPort-configuratieprogramma op het basisstation en gaat u naar 'Versie' > 'Oudere versies'.