Mac OS X 10.5: kan niet inloggen op een account nadat een upgrade is geïnstalleerd
Symptomen
Nadat u een upgrade naar Mac OS X 10.5 hebt uitgevoerd vanuit een versie van Mac OS X die oorspronkelijk vanuit Mac OS X 10.2.8 of lager is gemigreerd, is het mogelijk dat u niet meer kunt inloggen bij een gebruikersaccount met een wachtwoord van 8 of meer tekens.Dit artikel gaat over de installatie-cd's van Mac OS X versie 10.5. Dit probleem doet zich niet voor bij installatie-cd's van Mac OS X versie 10.5.1 of hoger.
Opmerking: als u na de installatie van Leopard niet kunt inloggen bij een account die geen wachtwoord heeft, leest u dit artikel.
Producten waarbij dit probleem kan optreden
Mac OS X Server 10.5, Mac OS X 10.5
Oplossing
Als u kunt inloggen of bent ingelogd
Download en installeer Login & Keychain Update 1.0 voor Mac OS X 10.5 Leopard om dit probleem in de toekomst te vermijden.
Als u niet kunt inloggen
kunt u deze stappen volgen:
- Start opnieuw op in de modus voor één gebruiker (door tijdens het opstarten Command-S ingedrukt te houden). In de modus voor één gebruiker wordt altijd de toetsenbordindeling Engels (Verenigde staten) gebruikt.
- Typ bij de prompt: mount -uw / en druk op Return
- Typ:
launchctl load /System/Library/LaunchDaemons/com.apple.DirectoryServices.plist
- Druk op Return.
- Typ: ls /Users en druk op Return
- Zoek in de lijst de korte naam (gebruikersnaam) van de betrokken gebruikersaccount.
- Typ:
dscl . -delete /Users/gebruikersnaam AuthenticationAuthority
Opmerking: vervang "gebruikersnaam" door de korte naam van de desbetreffende gebruikersaccount. - Druk op Return.
- Typ: passwd gebruikersnaam en druk op Return
Opmerking: vervang "gebruikersnaam" door de korte naam van de desbetreffende gebruikersaccount. - Typ bij de prompt Nieuw wachtwoord het wachtwoord van de gebruiker en druk op Return. Opmerking: u wordt aanbevolen het oorspronkelijke wachtwoord van de gebruiker ook als sleutelhangerwachtwoord te gebruiken.
- Bevestig het wachtwoord door het opnieuw te typen wanneer dat wordt gevraagd en druk daarna op Return.
- Typ: reboot en druk op Return.