Het glazen MultiTouch-stuurvlak op de MacBook en MacBook Pro gebruiken
Overzicht
U gebruikt het stuurvlak om de cursor te verplaatsen, te scrollen, te klikken, te dubbelklikken en te slepen.
In tegenstelling tot het gebruikelijke stuurvlak is het stuurvlak van de MacBook en MacBook Pro een knop op zichzelf. U kunt bijna overal op het stuurvlak klikken.
De snelheid van de aanwijzer is afhankelijk van de snelheid waarmee u uw vinger over het stuurvlak beweegt.
Producten waarbij dit probleem kan optreden
MacBook Pro (17-inch, medio 2009), MacBook Pro (13-inch, medio 2009), MacBook Pro (15-inch, medio 2009), MacBook Pro (15-inch, 2,53 GHz, medio 2009), MacBook Pro (17-inch, begin 2009), MacBook (13-inch, aluminium, eind 2008), MacBook Pro (15-inch, eind 2008)
Kies voor de fijne afstemming van de snelheid van de aanwijzer Apple () > Systeemvoorkeuren > Trackpad.

Hieronder vindt u een aantal handige tips en toetscombinaties voor het gebruik van het toetsenbord en het stuurvlak:
Tekst verwijderen
- Met voorwaarts verwijderen verwijdert u de tekens rechts van het invoegpunt.
- Met de Delete-toets verwijdert u de tekens links van het invoegpunt.
Om de tekens rechts van het invoegpunt te verwijderen, houdt u de functietoets (fn) ingedrukt en drukt u op de Delete-toets.
Tik om te klikken
- Standaard uitgeschakeld.
- Inschakelen door op het aankruisvak te klikken.
Tik op het stuurvlak om een onderdeel te selecteren (hetzelfde als onder in het stuurvlak klikken).
Secundair klikken

- Standaard uitgeschakeld.
- Met secundair klikken of "rechts klikken" kunt u commando's uit snelmenu's kiezen.
Voor secundair klikken schakelt u Tikken om te klikken in het voorkeurenpaneel Trackpad in en tikt u vervolgens met twee vingers op het stuurvlak. U kunt ook het voorkeurenpaneel Trackpad gebruiken om een secundaire klikzone in de linker- of rechterhoek onder in het stuurvlak in te stellen. U kunt ook secundair klikken door de Control-toets ingedrukt te houden wanneer u klikt.
Met twee vingers scrollen

- Door met twee vingers te scrollen, kunt u snel naar boven, naar beneden of opzij scrollen in het actieve venster.
- Deze optie is standaard ingeschakeld.
Programmaspecifieke handelingen
De volgende handelingen van het stuurvlak werken in bepaalde programma's. Wanneer u deze handelingen uitvoert, dient u zachtjes met uw vingers over het oppervlak van het stuurvlak te glijden.
Zie voor meer informatie het paneel Trackpad in Systeemvoorkeuren of kiesHelp > Mac Help en zoek op "trackpad" of "stuurvlak".
Draaien met twee vingers

Door met twee vingers op het stuurvlak te draaien kunt u bijvoorbeeld foto's en pagina's roteren.
Twee vingers naar elkaar toe bewegen

Door twee vingers naar elkaar toe te bewegen, kunt u in- of uitzoomen op bijvoorbeeld PDF-bestanden, afbeeldingen en foto's.
Schermzoomen
Vergroot een gedeelte van het scherm. Klik op Opties... om de werking van deze functie aan te passen.
Met drie vingers vegen

Door met drie vingers over het stuurvlak te vegen, kunt u onder andere snel door documenten bladeren en naar de vorige of volgende foto gaan.
Met vier vingers vegen

- Met vier vingers naar boven of beneden vegen voor Exposé.
- Met vier vingers van links naar rechts vegen om tussen programma's te schakelen.
U kunt de standaardwerking wijzigen door op Opties te klikken in het voorkeurenpaneel Trackpad.