Mac OS X: afdrukken vanuit een Classic-programma

  • Laatst gewijzigd op: 12 september, 2008
  • Artikel: HT3147

Overzicht

In dit artikel wordt beschreven hoe u vanuit een Classic-programma kunt afdrukken.

Opmerking: De procedure die u dient te volgen bij het afdrukken vanuit de Classic-omgeving is afhankelijk van het type printer dat u gebruikt. Mogelijk dient u het hulpprogramma Bureaubladprinterbeheer te gebruiken in de map 'Utilities' in de map 'Applications (Mac OS 9)'. Voordat een printer van een andere fabrikant wordt weergegeven in de Kiezer van 'Classic', dient u de computer eerst op te starten vanuit Mac OS 9 en de vereiste printerbesturingsbestanden te installeren. Met printers die compatibel zijn met de meegeleverde LaserWriter 8-programmatuur kunt u afdrukken zonder eerst de besturingsbestanden te installeren. Het is echter mogelijk dat zonder het PPD-bestand van de printer bepaalde functies niet beschikbaar zijn.

Producten waarbij dit probleem kan optreden

Mac OS X 10.4, Mac OS X 10.3, Mac OS X 10.2, Mac OS X 10.1, Mac OS X 10.0, Mac OS X 10.5, Mac OS afdrukken/fax (elke versie)

USB (niet-PostScript)

Om naar een USB-printer af te drukken, gaat u als volgt te werk:
1. Zorg ervoor dat er een Classic-programma actief is of op de voorgrond is.
2. Kies de Kiezer uit het Apple-menu van de Classic-omgeving.
3. Selecteer het printertype in het venster van de Kiezer.
4. Selecteer de naam of de poort van de printer (welk van beide verschijnt is afhankelijk van het besturingsbestand van de printer) in het rechtergedeelte van het venster.
5. Sluit de Kiezer.

AppleTalk-printer

Om naar een AppleTalk-printer af te drukken, gaat u als volgt te werk:
1. Zorg ervoor dat er een Classic-programma actief is of op de voorgrond is.
2. Kies de Kiezer uit het Apple-menu van de Classic-omgeving.
3. Selecteer het printertype in het venster van de Kiezer.
4. Indien er AppleTalk-zones verschijnen, kiest u een zone uit de linkerbenedenhoek van de Kiezer.
5. Selecteer de naam van de printer in het rechtergedeelte van het venster.
6. Sluit de Kiezer.

Opmerking: als u het PPD-bestand wilt wijzigen, kunt u de printer configureren met behulp van het hulpprogramma Bureaubladprinterbeheer, zoals in het volgende gedeelte wordt beschreven.

LPR of PostScript-USB

Om naar een LPR- of PostScript-USB-printer af te drukken, gaat u als volgt te werk:

1. Open het hulpprogramma Bureaubladprinterbeheer.
2. Selecteer het type printer (LPR of USB).
3. Klik op 'OK'.
4. Klik op de bovenste knop 'Wijzig' om een PPD-bestand te selecteren en klik op 'Selecteer'.
5. Klik op de onderste knop 'Wijzig' om de printer te selecteren. USB-gebruikers dienen een printer uit de lijst te selecteren. LPR-gebruikers dienen een printer te selecteren door de domeinnaam en het IP-adres van de printer in het veld 'Printeradres' in te voeren. Klik vervolgens op 'OK'.
6. Klik op 'Maak aan'.

Nadat u een printer hebt geselecteerd

Nadat u de printer hebt ingesteld, kunt u de optie 'Print' starten door'Print' uit het Archief-menu te kiezen of de toetscombinatie Command-P te gebruiken.

Opmerking: Dit artikel behandelt slecht één aspect van het afdrukken in Mac OS X. Raadpleeg voor meer informatie artikel 106706: "Mac OS X: afdrukken".

Not helpful Somewhat helpful Helpful Very helpful Solved my problem